Tag Archief van: Onderwijs

‘Een nieuwe logica en samenhang voor onze organisatie’

Verdere professionalisering Passend Onderwijs Almere

Het vraagstuk

Anita Gelmers-Groen, adjunct-directeur coöperatie Passend Onderwijs Almere: “De wereld om ons heen verandert snel en daardoor verandert onze rol. Het wordt steeds duidelijker dat wij een netwerkorganisatie zijn die nauw vervlochten is met de buitenwereld. Hoe kunnen wij door professionalisering een volgende stap in onze ontwikkeling zetten? Zelf krijgen we dat onvoldoende scherp, we zijn te zeer onderdeel van het verhaal. Maar een blik van buiten helpt. En het voorjaar van 2020, halverwege de beleidsperiode van ons ondersteuningsplan, was een aangewezen moment.”

De aanpak

Anita: “Aanvankelijk hadden we Robbin en Patrick gevraagd vijf verhalen van mensen in onze organisatie op te tekenen. Door corona moest dit gebeuren via Teams en telefoongesprekken in plaats van in persoonlijke ontmoetingen. Aan de opbrengst was dat niet te merken: er kwam veel boven tafel en collega’s werden ook persoonlijk aan het denken gezet. Zodanig zelfs dat ze na afloop zeiden: ik gun iedereen zo’n gesprek.”

Karel Vogel, begeleider onderwijs Passend Onderwijs Almere: “De persoonlijke benadering maakt het gesprek heel ontspannen. Je gaat vanuit de relatie naar de prestatie, het is makkelijk om vrijuit te praten. Het bijzondere zit in de vragen die je gesteld krijgt. Want het reilen en zeilen van de organisatie is heel groot, maar Robbin en Patrick koppelen dat ook aan je eigen functioneren. Wat is jouw rol in dit geheel? Daar krijg je feedback op. Het wordt een heel professioneel gesprek over je vak en dat is heel inspirerend.”

Anita: “Verrassend vond ik dat Robbin en Patrick al na de eerste vijf gesprekken patronen in de organisatie bloot wisten te leggen. Daarop hebben we besloten nog eens achttien gesprekken te laten voeren, dwars door de organisatie heen. Zo ontstond een 360 gradenbeeld. Dat leidde tot een advies en daar hebben we onze volgende beleidsmiddag aan gewijd. Bureau de Bedoeling heeft die middag in overleg met ons georganiseerd, in een online vorm die (mét drive-in-bioscoop en borrelbox) in goede aarde viel.”

Karel: “Natuurlijk waren we het liefst met zijn allen bij elkaar gekomen; online is toch anders. Maar het effect was er niet minder groot om. Meteen na afloop kwamen er complimenten, je merkte dat dit mensen goed had gedaan. Voor sommige geledingen en personen in onze organisatie is het best spannend wat er gaat gebeuren. Aan het eind van de beleidsmiddag was er rust ingekomen. Iedereen sloot de middag met een goed gevoel af.”

“Collega’s werden ook persoonlijk aan het denken gezet. Zodanig zelfs dat ze na afloop zeiden: ik gun iedereen zo’n gesprek.”

Het resultaat

Anita: “Wij willen tempo houden, zei ik bij de intake. Coronatijd of niet. En dat is gelukt. Drie maanden na de eerste interviews ligt er een perspectief en hebben we een uitdagende beleidsmiddag achter de rug. Er leven echt nog wel vragen in de organisatie. Het advies om onze stadsdeelteams de voorliggende positie te laten innemen is nog niet voor iedereen logisch. Ook is er behoefte aan meer informatie over onze ‘tweede professionaliteit’. We hebben blijkbaar nog niet iedereen uitvoerig in de gedachtegang kunnen meenemen. Daarom ondersteunt Bureau de Bedoeling ons de komende tijd bij de verdere verdieping.

Terugkijkend ben ik nu al blij dat we deze pas op de plaats hebben gemaakt. We kunnen met een nieuwe logica en samenhang de tweede helft van de beleidsperiode in. Wat ik anderen wil meegeven is dat het niet erg is als het in de organisatie eens niet lekker loopt. Het is ook niet zo dat er fouten zijn gemaakt. Zie het liever als een aansporing om even stil te staan, ook bij het goede dat er is, en van daaruit weer door te ontwikkelen.”

‘Maak gebruik van ieders denkkracht’

Co-productie Ondersteuningsplan SWV Passend Onderwijs IJmond 2020-2024

Het vraagstuk

Beleidsmedewerker Marjolijn Loos: “Wij zochten een partner die ons kon ontzorgen bij de totstandkoming van ons nieuwe ondersteuningsplan. Het ging ons vooral om de inhoudelijke kant: hoe zorgen we dat dit plan van onderop ontstaat? Dat iedereen – van onderwijsassistent tot directeur – er vanuit zijn eigen rol en opdracht aan bijdraagt? Ons samenwerkingsverband telt 65 scholen, dit moet hún plan zijn.”

Directeur-bestuurder Peter Truijens: “Je kunt zo’n proces zelf organiseren, maar dan ben je ook voortdurend in de lead. Co-productie geeft meer vrijheid. Door Robbin en Naima erbij te betrekken, had ik de handen vrij om voluit mee te denken en te praten.”

 

De aanpak

Peter: “Robbin en Naima hebben goed gekeken en geluisterd: hoe gaan de dingen in dit samenwerkingsverband, wat kenmerkt deze scholen? Zo zijn we samen tot een opzet gekomen.”

Marjolijn: “De eerste bijeenkomst stond in het teken van evaluatie en ambitie: we bouwen voort op wat er is, maar we willen ook verder. Daarna volgden dialoogsessies (per regio), een leerkrachtbijeenkomst, validatiesessies (ook weer per regio), het schrijven van een conceptplan en een studiemiddag met de schoolbesturen.”

Peter: “Die validatiesessies vond ik een mooi idee. Je hebt bij iedereen van alles opgehaald, in zo’n validatiesessie check je: hebben we de goede dingen opgehaald en hebben we het wel goed samengevat?”

“Er is in iedere organisatie een enorm potentieel aan kennis en ervaring aanwezig: waarom maken we daar zo beperkt gebruik van?”


Het resultaat

Marjolijn: “Op 1 augustus zijn we begonnen, eind januari hadden we een concept en vóór 1 mei lag het plan bij de Inspectie. Nu is het tijd voor de implementatie door de scholen. Dat is een verantwoordelijkheid van de bestuurders, als eigenaren van dit plan. Zij gaan in drie bijeenkomsten, weer begeleid door Bureau de Bedoeling, met directies, IB’ers en eventueel leerkrachten in gesprek. Voor het eerst gebeurt dat in de nieuwe, wijkgeoriënteerde organisatiestructuur die we samen hebben bedacht.”

Peter: “We zijn met dit proces ver gekomen. Maak gebruik van ieders denkkracht, dat is de les die ik meeneem. Er is in iedere organisatie een enorm potentieel aan kennis en ervaring aanwezig: waarom maken we daar zo beperkt gebruik van? Als je gemotiveerde mensen om hun inbreng vraagt, levert dat opzienbarend veel op.”

Ontwrichtend virus dwingt tot anders kijken

Het is een werkelijkheid die vandaag in allerlei contexten opduikt. Ook als het om onderwijs gaat. Leraren zijn druk bezig om samen het nieuwe (tijdelijke) normaal uit te vinden en vorm te geven. Niet kunnen is ineens geen optie meer, anders kijken is vanzelfsprekend en veranderen een kwestie van dóen.

Is het omdenken van het onderwijssysteem hiermee gestart? Constateren we over een aantal maanden dat dit ontwrichtende virus het onderwijs definitief heeft veranderd? Of is het beter te stellen dat de aanwezige betrokkenheid, creativiteit en stoutmoedigheid in het onderwijs zijn aangesproken?

Een paar observaties:
– We zien een explosie aan creatieve manieren om (digitaal) onderwijs op afstand van het schoolgebouw aan te bieden. Het delen en gebruiken van goede ideeën van anderen is gemeengoed.
– Leerlingen worden volop uitgenodigd eigenaar te zijn van hun eigen leren en zijn hiermee meer en meer co-producent van hun onderwijs.
– Thuiszitten is geen uitzondering meer, maar onderdeel van het nieuwe normaal.

Voor straks: welke belangrijke lessen leren we van dit nieuwe normaal en hoe gaan we die straks een plek geven in ons oude normaal?

Voor nu: be careful out there!

De Bedoeling van Naima

Bij vrijwel alles wat ik tot nu toe in mijn leven gedaan heb, heb ik regelmatig gedacht dat het anders en wellicht beter zou kunnen.
Nederland is, mondiaal gezien, een uitermate succesvol land. We gooien in vergelijkende onderzoeken hoge ogen wat betreft welzijn gekoppeld aan welvaart, veiligheid, stabiliteit en vrijheid. We zijn al 75 jaar niet meer in oorlog, een historisch record. En het grootste deel van de Nederlandse bevolking kent de tijd waarin ‘eten, drinken, een dak boven je hoofd en een bed om in te slapen’ de primaire levensbehoeften waren, alleen nog uit de geschiedenisboeken. Wie ben ik om te veronderstellen dat het in Nederland (nog) beter kan? Toch zeg ik regelmatig: ‘Je hoeft niet ziek te zijn om beter te worden!’
In Bureau de Bedoeling wil ik op een andere manier van toegevoegde waarde zijn, werkend vanuit het altijd aanwezige potentieel in mensen en dus in organisaties (mijn stellige overtuiging). Altijd samen op werkend met de opdrachtgever, gaan wij verrassend mooie ontwikkelingen realiseren. En altijd vanuit de vraag: ‘wat was ook alweer de Bedoeling?’

 

De Bedoeling van Robbin

Ik geloof dat er ruimte is. Ruimte om tussen individualisering en globalisering regionaal het verschil te maken. Ruimte voor professionals in de zorg, het onderwijs, de jeugdhulp en andere sectoren. Ruimte om samen oplossingen te produceren met de eindgebruiker, afnemer of cliënt. Ik geloof dat dit kan en dat we de huidige kokers daarvoor moeten afbreken, overstijgen of op zijn minst verbinden.

Ik geloof ook in het oplossend vermogen van mensen. En dat het helpt als (ervarings)deskundigen daarbij een zetje geven. Niet alleen vanuit de klassieke deskundigheid van ‘beter weten’, maar ook vanuit de kunde om samen oplossingen te produceren. Het vraagt wel om moed. Moed om eindgebruikers een gezicht en een stem te geven, uit te gaan van vertrouwen en vermogen in plaats van wantrouwen en onvermogen. Moed om niet voor de intellectueel beste oplossing te gaan, om gelijkwaardig te co-produceren. Moed dus om een nieuw spel te spelen, een ander speelveld te definiëren met andere spelregels en nieuwe spelvormen.

Op dat speelveld staat Bureau de Bedoeling. Een verzamelplaats van goede bedoelingen. Een plek waar we de eindgebruiker in zijn kracht zetten en/of (samenwerkende) organisaties helpen hun cliënten in hun kracht aan te spreken. Een plek waar gelijkwaardigheid vanzelfsprekend is. Samen werken aan merkbare oplossingen. Dat is voor mij de Bedoeling.