Berichten

Ontwrichtend virus dwingt tot anders kijken

Het is een werkelijkheid die vandaag in allerlei contexten opduikt. Ook als het om onderwijs gaat. Leraren zijn druk bezig om samen het nieuwe (tijdelijke) normaal uit te vinden en vorm te geven. Niet kunnen is ineens geen optie meer, anders kijken is vanzelfsprekend en veranderen een kwestie van dóen.

Is het omdenken van het onderwijssysteem hiermee gestart? Constateren we over een aantal maanden dat dit ontwrichtende virus het onderwijs definitief heeft veranderd? Of is het beter te stellen dat de aanwezige betrokkenheid, creativiteit en stoutmoedigheid in het onderwijs zijn aangesproken?

Een paar observaties:
– We zien een explosie aan creatieve manieren om (digitaal) onderwijs op afstand van het schoolgebouw aan te bieden. Het delen en gebruiken van goede ideeën van anderen is gemeengoed.
– Leerlingen worden volop uitgenodigd eigenaar te zijn van hun eigen leren en zijn hiermee meer en meer co-producent van hun onderwijs.
– Thuiszitten is geen uitzondering meer, maar onderdeel van het nieuwe normaal.

Voor straks: welke belangrijke lessen leren we van dit nieuwe normaal en hoe gaan we die straks een plek geven in ons oude normaal?

Voor nu: be careful out there!

Onenigheid blijft over wat leerlingen moeten leren

 

… kopte de Volkskrant over het aanbieden van het eindadvies van Curriculum.nu aan minister Arie Slob. Ook andere media besteden er aandacht aan. Betrokken onderwijsmensen worden om hun mening gevraagd.

Een kleine bloemlezing: Er zijn veel zorgen. De docent geschiedenis geeft aan vernieuwing belangrijk te vinden, maar wel op basis van historische feiten. De docente Frans geeft aan dat ze het een gemiste kans vindt dat het curriculum niet in het Frans is vertaald. De docenten Duits zijn dit met haar eens, behalve dat het natuurlijk in het Duits vertaald moet worden. De docenten Grieks en Latijn missen aandacht voor het levend houden van talen. Iemand die het curriculum niet gezien heeft, vraagt aandacht voor wat eruit kan. Vanuit de vakgroep aardrijkskunde wordt aandacht gevraagd voor begrijpend lezen, want zonder die vaardigheid wordt het moeilijk om aardrijkskunde te geven. En de docenten natuurkunde zoeken, soms samen met een docent wiskunde, nog naar een formule om tot een oordeel te komen.

Ik ben benieuwd welke gesprekken nu op de scholen worden gevoerd. En in de komende weken en maanden. En of die gesprekken leiden tot doen. Meer experiment en een beetje minder beschouwing. De Onderwijsraad stelde al dat curriculumvernieuwing een doorlopend proces is. Benieuwd of het ons lukt het voorstel aan de minister op die manier productief te maken.

Bovenal hulde aan iedereen die vandaag, ondanks werkdruk en lerarentekort, toch weer iets heeft uitgeprobeerd of toegevoegd aan zijn of haar lessen. In vorm of inhoud.

De Bedoeling van Marion

Voor mij is Bureau de Bedoeling vooral ‘anders’: onderscheidend in denken, doen en kijken. Geen voorspelbare oplossingen of uitkomsten, niet het geijkte pad volgend. Geen voorgeschreven richtlijnen, geen vooroordelen. Ruimte om vrijuit te denken, te doen en naar een vraagstuk te kijken, om vervolgens samen naar een oplossing of antwoord toe te werken. Met lef, creativiteit en passie en vooral: met elkaar.

De Bedoeling van Naima

Bij vrijwel alles wat ik tot nu toe in mijn leven gedaan heb, heb ik regelmatig gedacht dat het anders en wellicht beter zou kunnen.
Nederland is, mondiaal gezien, een uitermate succesvol land. We gooien in vergelijkende onderzoeken hoge ogen wat betreft welzijn gekoppeld aan welvaart, veiligheid, stabiliteit en vrijheid. We zijn al 75 jaar niet meer in oorlog, een historisch record. En het grootste deel van de Nederlandse bevolking kent de tijd waarin ‘eten, drinken, een dak boven je hoofd en een bed om in te slapen’ de primaire levensbehoeften waren, alleen nog uit de geschiedenisboeken. Wie ben ik om te veronderstellen dat het in Nederland (nog) beter kan? Toch zeg ik regelmatig: ‘Je hoeft niet ziek te zijn om beter te worden!’
In Bureau de Bedoeling wil ik op een andere manier van toegevoegde waarde zijn, werkend vanuit het altijd aanwezige potentieel in mensen en dus in organisaties (mijn stellige overtuiging). Altijd samen op werkend met de opdrachtgever, gaan wij verrassend mooie ontwikkelingen realiseren. En altijd vanuit de vraag: ‘wat was ook alweer de Bedoeling?’

 

De Bedoeling van Robbin

Ik geloof dat er ruimte is. Ruimte om tussen individualisering en globalisering regionaal het verschil te maken. Ruimte voor professionals in de zorg, het onderwijs, de jeugdhulp en andere sectoren. Ruimte om samen oplossingen te produceren met de eindgebruiker, afnemer of cliënt. Ik geloof dat dit kan en dat we de huidige kokers daarvoor moeten afbreken, overstijgen of op zijn minst verbinden.

Ik geloof ook in het oplossend vermogen van mensen. En dat het helpt als (ervarings)deskundigen daarbij een zetje geven. Niet alleen vanuit de klassieke deskundigheid van ‘beter weten’, maar ook vanuit de kunde om samen oplossingen te produceren. Het vraagt wel om moed. Moed om eindgebruikers een gezicht en een stem te geven, uit te gaan van vertrouwen en vermogen in plaats van wantrouwen en onvermogen. Moed om niet voor de intellectueel beste oplossing te gaan, om gelijkwaardig te co-produceren. Moed dus om een nieuw spel te spelen, een ander speelveld te definiëren met andere spelregels en nieuwe spelvormen.

Op dat speelveld staat Bureau de Bedoeling. Een verzamelplaats van goede bedoelingen. Een plek waar we de eindgebruiker in zijn kracht zetten en/of (samenwerkende) organisaties helpen hun cliënten in hun kracht aan te spreken. Een plek waar gelijkwaardigheid vanzelfsprekend is. Samen werken aan merkbare oplossingen. Dat is voor mij de Bedoeling.