Taal onder spanning

In deze bijzondere tijden staan niet alleen wij onder spanning. Ook onze taal. Ons overkomen dingen die we niet eerder meemaakten. Het is nieuw en dus staan we voor de keuze welke woorden we aan deze gebeurtenissen willen verbinden. Zelf spreken ze geen taal, dat is iets van ons. Wat doen wij in zo’n situatie? We grijpen naar metaforen. Want metaforen zijn nu eenmaal de meest eenvoudige manier om het nieuwe te benoemen en wel in termen van het bestaande.

Het corona-virus is een medisch-biologisch fenomeen van het ongewenste soort. Daarom wordt het bejegend als een vijandig fenomeen waartegen de strijd moet worden aangebonden tot het verslagen is. Die strijd geldt het virus zelf natuurlijk, maar ik zag Youtube-filmpjes van complotdenkers voor wie die strijd verder gaat. Voor hen is het een strijd van de overheid tegen zijn eigen burgers, als gevolg van corruptie op het niveau van de WHO door toedoen van grote farmaceutische bedrijven. Ik zag twee eminente grijsaards parmantig spreken over ‘de staat van beleg’ waarin Nederland door Rutte is gebracht. Stemmingmakerij.

Roadmap

We zitten nog in de fase van de intelligente lockdown – een aanduiding waar sommigen van gruwen maar die ik wel kan waarderen. ‘Intelligent’ als slimme variant van ‘slim’.

Op dit moment wordt er geleidelijk een roadmap ontvouwd naar, ja naar wat eigenlijk? Naar ‘perspectief’ wordt gezegd, maar welk perspectief? Terug naar normaal? Naar het nieuwe normaal?

Dat woord roadmap herinnert me aan de vredesbesprekingen tussen Israël en de Palestijnen en het document dat de Bush-regering opstelde, leidend tot de ondertekening daarvan op 4 juni 2003. Ook toen werd de metafoor van de routekaart gebruikt om vrede en herstel van het gewone leven mogelijk te maken, wat verder niet is gebeurd. Het is precies deze ‘breekbare vrede’ -stichtende connotatie van het woord roadmap die ook besloten ligt in de woordkeuze van ons kabinet.

Ladekast

Wat ik maar wil zeggen is dat taal ertoe doet. Dat het nauwkeurig komt welke woorden je kiest om iets nieuws te benoemen omdat je niet zo maar een greep in het lexicon van het Nederlands kunt doen, in onze taalvoorraad. Zo’n greep komt nauwkeurig, graaien is not done. Woordbetekenissen zijn geen geïsoleerde entiteiten. Woorden figureren in netwerken met andere woorden. Ze ontlenen hun kracht en betekenis aan dat netwerk.

Ik noemde het lexicon van het Nederlands, onze taalvoorraad. Ik kijk daar wel eens naar als naar een kolossale ladekast. In deze kast zijn de woorden niet op alfabet geordend van A tot Z zoals in het woordenboek, maar op hun onderlinge samenhang. Woorden uit het medische domein zitten samen in een laatje, net als de woorden in het pedagogisch domein; de woorden in zo’n laatje verwijzen naar elkaar. Woorden in het openbaar bestuur, bedrijfskundige termen – ze hebben allemaal eigen laatjes.

Juist door deze clusteringen van betekenissen is het belangrijk om in nieuwe situaties alert te zijn op het gebruik van woorden, beelden of metaforen. Voor je het weet krijg je de complete inhoud van een laatje over je heen. Is dat erg? Het is in elk geval opletten geblazen. Want achter de afzonderlijke woordbetekenissen en achter de relaties in het netwerk van die betekenissen gaan waarden en wilsuitspraken schuil over hoe je de wereld wilt ordenen, over hoe je de samenleving wilt inrichten, over wie er aan touwtjes mag trekken en wie niet.

Sferen

De eerste denker des vaderlands, Rene Gude was alert op die verschillende laatjes. Hij noemde ze alleen anders. Hij zei: je hebt vier verschillende sferen waarin je als mens actief bent:

  • je eigen prive wereld van je familie en vrienden;
  • de wereld van je werk, de private wereld, de wereld van het contract, de financiële wereld;
  • de wereld van de publieke ruimte waarin je overlegt, afstemt, dingen doet, denk aan stations, bibliotheken, de straat.
  • de politiek wereld, die van het debat en van politieke keuzes.

Interessant is nu dat de taal van het private, die van het contract de drie andere werelden is binnengedrongen. De wereld van de vrije markt heeft de andere sferen gekoloniseerd.

Privaat en publiek

Ik herinner me nog goed de kerstlezing van Zuidas-predikant Ruben van Zwieten voor B&T. Van Zwieten maakte ook dit soort onderscheidingen. Hij noemde als voorbeeld een yup die de vraag waarom hij juist deze vrouw als verloofde had gekozen, beantwoordde met een serie dots uit een PPT. Die yup gebruikte de taal van het private domein in de wereld van het privé. Die yup had ook, stralend van verliefdheid, kunnen zeggen (met dank aan Michel de Montaigne) ‘omdat zij het was, omdat ik het was’.

Vanwege dezelfde grensoverschrijding van het private in het privé, is het bedenkelijk om te spreken over ‘investeren’ in de relatie met je partner. Geef je daarmee niet impliciet aan dat je er meer uit wilt halen dan je zelf bereid bent er in te stoppen? Een investering moet wat opleveren, nietwaar? De boekhouding van je relatie.

De opmars van het New Public Management in het openbaar bestuur bracht een vergelijkbare overschrijding van de grens tussen privaat en publiek. Ik ben niet langer een burger die in het gemeentehuis een paspoort komt halen bij Burgerzaken. Ik ben een klant geworden die in het stadskantoor een product komt kopen in de gemeentewinkel. Brrr.

Wat ik maar wil zeggen is dat taal ertoe doet. Daar werd ik deze week nog eens op geattendeerd toen ik het net verschenen boek Taalkracht las waarin auteurs als Paul Verhaeghe en Christien Brinkgreve analyses van veranderende woordbetekenissen geven. Interessant is het verhaal van Eric Koenen die vier soorten veranderingen in organisaties onderscheidt, het Cynefin Frame, onder de interventionisten onder jullie vast bekend (een indeling in simpele, ingewikkelde, complexe en chaotische veranderingen). Interessant is de link naar de taal in die vier situaties. Die vergen namelijk elk een eigen managementtaal, een specifiek idioom.

Mee-betekenissen

Wat leert ons dit alles binnen de context van De Bedoeling? Ik denk aan het volgende.

Voor de complexe problemen waar we doorgaans aan werken, is het nodig analyses te maken van sleutelwoorden in vertogen, van dragende termen in een verhaal. Als we die op het spoor zijn, zou het moeten lukken om het laatje van samenhangende woorden verder te vullen. Vervolgens kunnen we het gesprek voeren over de vraag of we dat laatje wel geschikt vinden voor de zaken die erdoor worden benoemd. Is de taal van de private wereld wel geschikt voor een semi-publiek domein als het onderwijs? Neen dus, denk maar aan het woord ‘excellentie’, door Tommy Wieringa vorig weekend in NRC nog een ‘fopneus’ genoemd, ‘afkomstig uit een economisch model dat vervulling belooft maar in werkelijkheid schaarste produceert’. Ik refereer ook aan discussies op Twitter over de vraag of leerlingen nu wel of geen ‘achterstanden’ hebben opgelopen. Achter dat woord ‘achterstand’ zit een wereld van mee-betekenissen.

Zelf ben ik me, in vervolg op Cicero leest Covey, gaan toeleggen op het verzamelen van persuasieve sleutelwoorden in vertogen van goeroes, adviseurs en consultants (en in hun spoor managers). Het gaat dan om woorden als: echt, eigenlijk, inspiratie, co-creëren, verbinden, tegenspraak, omarmen, ooit, kwetsbaar.

Verzoek

Mijn hypothese is dat door het semantisch onderzoeken en filosofisch doordenken van deze woorden en door het clusteren van die woorden in groepen en die groepen onder te brengen in laatjes, het mogelijk wordt om iets te zeggen over de achterliggende normatieve waarden en wilsuitspraken.

Ik kom tot een afsluiting. Het genre van de gesproken column vereist nu een twist of een licht ironische referentie naar het begin van het verhaal zodat de cirkel rond is. Ik doe iets anders. Ik sluit af met een vraag aan jullie, een verzoek. Doe me een plezier en mail me, als je in je werk persuasieve sleutelwoorden tegenkomt in vertogen van goeroes, adviseurs en leidinggevenden en misschien zelfs in je eigen vocabulaire.

Ik laat me graag verrassen, ook als dat een dubieuze ervaring oplevert.

Breinmoes

Wie kent dit woord: breinmoes?

Ik zet drie flessen wijn klaar voor de eersten die zich melden. Eerlijk gezegd verwacht ik die niet meer vandaag. En morgen ook niet en overmorgen ook niet. Ik wil wedden dat niemand dit woord ooit heeft gehoord. Dat precies maakt het tot een spannend woord. Want wat zou het kunnen betekenen?

Ga nu niet gelijk naar allerlei digitale woordenboeken, want daarin zul je het niet vinden. En toch maakt ‘breinmoes’ deel uit van de Nederlandse woordvoorraad. Dus.

Doe je ogen dicht en geef je fantasie de vrije loop. Waar denk je aan bij het horen van het woord ‘breinmoes’?

….

Dank voor het meedoen.

Dacht je gelijk aan Engelse woorden als brainstorm, brainwash en brainpower? Of had je associaties met de neuropsychologie? Het zou zo maar kunnen.

Toen ik het woord voorlegde aan een goede vriendin gaf die terug: ‘Misschien ken ik het begrip breinmoes vanuit wat psychotische tijden. Dan ben ik min of meer slaaf van alle informatie die in mijn geest stapelt zonder daarin zelf stuur/richting aan te geven.’

Dit kwam bij mijzelf naar boven:

Verwijst het naar wat er van de hersenen overblijft na een fataal ongeluk waarbij vooral de schedel werd geraakt? Vergelijkbaar aan de uitdrukking ‘tot moes geslagen worden’?

Verwijst het naar een crash in de hersenpan waardoor opgeslagen informatie niet meer beschikbaar is? Bij een crash moet ik denken aan het scrabblebord (Wordfeud) na afloop van het spel: het bord wordt opgetild, licht gevouwen en in een homogene straal belanden de afzonderlijke letters in de doos. Alle eerdere woorden vernietigd.

Verwijst het naar een vorm van mentale lethargie als gevolg van de ervaring dat alles hetzelfde lijkt, één gelijkmatige vlakte, een brij waarin weinig verschil valt te onderscheiden? Zoals een grote bak met softijs of een verse pan met appelmoes?

Arnout Geulincx

Niets gemist

Nee, je hebt niets gemist. Het woord ‘breinmoes’ komt (voorzover bekend) slechts eenmaal voor in Nederlandstalige teksten. Het staat in de zeventiende eeuwse vertaling in het Nederlands van een, oorspronkelijk in het Latijn geschreven boek Van de hoofddeugden (1665) van de toen bekende geleerde Arnout Geulincx. De vertaling is van hemzelf en daarin past Geulincx mooi in de grote groep van geleerden die zich in die tijd beijverden voor de verspreiding van wetenschappelijke kennis in de volkstaal. Daarvoor was het nodig dat allerlei Latijnse vaktermen moesten worden voorzien van een Nederlands equivalent. Juist door dit soort vertalingen droegen deze geleerden bij aan de vorming van het Nederlands.

Overigens, het is dankzij de Nederlandse filosoof Cornelis Verhoevens Dierbare woorden dat ik geattendeerd werd op dit woord. Hij kwam ‘breinmoes’ en nog een reeks andere niet-ingeburgerde, nieuwe Nederlandse termen tegen toen hij het boek van Geulincx ging lezen. Het woord heeft het woordenboek niet gehaald, ook niet het volumineuze Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT). Dus dankzij Verhoeven geef ik het graag door.

Breinmoes is een samengesteld woord uit ‘brein’ en ‘moes’, twee zelfstandige naamwoorden, beiden met wel een lange geschiedenis. ‘Brein’ staat sinds de middeleeuwen voor ‘hersenen’, ‘moes’ wordt in het Middelnederlands woordenboek omschreven als ‘spijs, eten, maaltijd’. In het WNT wordt de betekenis omschreven als ‘een of ander gerecht, gekookt of gestoofd van fijngehakte groenten met verschillende toevoegsels’.

En zo naderen we de betekenis die Arnout Geulincx er in 1665 aan gaf.

Drugs

Cornelis Verhoeven

Verhoeven wijst erop dat Geulincx het woord gebruikt in een medisch context en wel voor ‘een van de plantaardige brouwsels die apothekers maakten om de werking van malle breinen en wiggewaggelende suizelhoofden gunstig te beïnvloeden.’ Drugs dus of psychofarmaca.

Verhoeven voegt hier de vraag aan toe of het aardig zou zijn als een hedendaagse drugshandelaar zichzelf zou aanduiden als ‘koopman in breinmoezen’.

Tja. Zie je het al voor je? Een in felle kleuren vormgegeven neonreclame op de gevel van een verder obscure ‘coffeeshop’?

Anders dan in de zestiende en zeventiende eeuw hebben wij in onze tijd niet de neiging om woorden uit vreemde talen te vernederlandsen. We doen eerder het omgekeerde en burgeren exoten in. Bovendien, gezien de internationale positie van Nederland in de verspreiding van geestverruimende producten zal het woord ‘breinmoes’ deze status niet gemakkelijk halen. Neemt niet weg dat ‘breinmoes’ wel beter aansluit bij de realiteit van het product dat in ‘coffeeshops’ over de toonbank gaat.

Vanwaar mijn interesse voor dit woord?

Na het schrijven van Cicero leest Covey. Retorica in populaire managementboeken heb ik mijn vervolgonderzoek een nieuwe dimensie gegeven door me toe te leggen op (niet-technische) taalfilosofische reflecties op sleutelwoorden van de adviseur (en in diens spoor de manager). Dan gaat het om woorden als kwetsbaar, toekomstgericht, omarmen, echt, food for thought, eigenlijk, verbinden, delen, etc. Wat betekenen deze woorden? Wat duiden we er mee aan en wat doen we er mee?(1)

Michel Montaigne

Ik laat me daarbij inspireren door het werk van Cornelis Verhoeven, door de Vlaamse filosofe Ann van Sevenant die het boek Filosofie in honderd woorden schreef, door het werk van Michel de Montaigne (De Essays) en dat van Roland Barth.

Het is tegen deze achtergrond dat ik ‘viel’ op dit woord. Ik liet in mijn overzicht van betekenisassociaties er dan ook eentje weg. Een die refereert aan het werk van adviseurs en managers: het ontwikkelen van nieuwe concepten die in een proces van co-creatie met de opdrachtgever tot stand komen.

Samengesteld woord

Ik zei het al, ‘breinmoes’ is een samengesteld woord.

‘Brein’ verwijst dan naar de status van die concepten: ze bestaan alleen virtueel, op papier, digitaal of in de hoofden van betrokkenen, ze bevinden zich nog de ontwikkelingsfase. ‘Breinmoes’ als het resultaat van de ‘breinstorm’ die er als proces aan voorafgaat.

‘Moes’ roept dubbele associaties op: naar diversiteit (zoals in ‘moestuin’: het zaaien van opties/ handelingsperspectieven/scenario’s’. Boodschap: ‘er is nog heel veel mogelijk’) en naar homogeniserende verwerking  (zoals in ‘appelmoes’:. Boodschap: ‘we cirkelen wel rond een kern’).

Van de drugshandelaar hoeft niet verwacht te worden dat hij navolger wordt van het taalpurisme dat in de zestiende en zeventiende eeuw heel levendig was.

Valt er van de adviseur en manager wel wat te verwachten?

Mwah (?).

P.S.: Zijn er woorden die je me wilt meegeven voor deze exercitie – woorden die je opvallen? Mail die dan naar harm@bureaudebedoeling.nl.

Hou vol! Hou je in!

Langzaam laten we de eerste fase van de crisis – hebben we voldoende bedden – achter ons. De urgentie maakte dat de eensgezindheid hoogtij vierde en de behoefte om individueel punten te scoren tot een minimum bleef beperkt. Nu al verleden tijd, met als voorlopige dieptepunten: de oliedomme eerste vraag na afloop van de persconferentie en de roep om steun van een weldoorvoede vastgoedbaas.

Ook in de Kamer verschiet het debat van kleur. Politici blazen een stevig deuntje mee in de fanfare van opportunisme en zelfbelang. Net als de eindeloze stoet belangenbehartigers die in de talkshows mogen aanschuiven. Het geluid van die fanfare maakt dat ik nogal blij ben met het huidige kabinet. In ieder geval zie ik het huidige kabinet verantwoordelijkheid nemen. Dat is precies wat ik mis in die fanfare. Natuurlijk mag je die vraag stellen, om steun bedelen en je mag zelfs doen alsof de aandacht voor ‘de app’ ten koste gaat van mondkapjes. Maar mogen is geen moeten. En zichtbaarheid en luidruchtigheid zijn geen deugden.

Dus kom op en vraag je eerst af, is dat debat, die vraag of je (zelf)beklag echt nodig. Hou die eensgezindheid en terughoudendheid nog even vol. Denk nog even na over wat je zegt en doet. Thuis, tijdens de virtuele borrel en in het publieke debat.

Even iets anders…

Een paar dingen die we je op de valreep voor Pasen niet willen onthouden.

Een nieuw gezicht bij BdB

Op 1 april is Harm Klifman toegetreden tot het team van Bureau de Bedoeling. Harm is geen onbekende in het onderwijs. Jarenlang trad hij op als adviseur in governance-vraagstukken en kwaliteitszorg. Die expertises heeft hij inmiddels achter zich gelaten om terug te keren naar zijn ‘roots’: Nederlandse taalkunde en (taal)filosofie.  Zijn eind vorig jaar verschenen boek Cicero leest Covey. Retorica in populaire managementboeken stond op de longlist voor Managementboek van het Jaar 2020. Harm geeft onder meer lezingen en workshops over ‘taal in management’.

Persoonlijk kennismaken met Harm?
Mail naar harm@bureaudebedoeling.nl
 of bel 06 12 35 29 87. 
Dit is de bedoeling van Harm.

Een nieuw kantoor

Eveneens hebben we op 1 april onze intrek genomen op Groot Kantwijk, Bergseweg 28f in Vreeland. Centraal gelegen, goed bereikbaar en toch een oase van rust. Behalve een lekker ruim kantoor hebben we er de beschikking over kleine en grote ontmoetingsruimtes en zelfs overnachtingsmogelijkheden. Ideaal voor trainingen, leergangen en af en toe een BdB-café. We hopen je er snel te kunnen ontmoeten.

Een online leeromgeving

De nieuwe werkelijkheid waarin we leven, heeft ook bij ons diverse ontwikkelingen versneld. De wens om naast een fysieke ook een online leeromgeving te bieden, hadden we al langer. Nu is dat proces in een stroomversnelling gekomen. Onze online leeromgeving – bij gebrek aan beter voorlopig BdB Academy gedoopt – is bijna klaar voor gebruik. Binnenkort komen we met een demo waarin je de mogelijkheden kunt ervaren.

Een virtueel Café (op 15 mei)

En natuurlijk gaan we zelf ook meteen van die online leeromgeving gebruikmaken. Om precies te zijn op de middag van 15 mei, bij ons eerste virtuele Café de Bedoeling. Meedoen? Meld je aan via de chatbot op de homepage of mail naar info@bureaudebedoeling.nl.

Stel jezelf de fundamentele vragen

“Crisis inspireert tot creativiteit. Als leider van een gemeenschap denk je al snel twee stappen verder: wat is in deze situatie mijn rol, wat heb ik te doen? Je kijgt nieuwe antwoorden op oude vragen.”

In deel 2 van de interviewreeks ‘Leidinggeven in crisistijd’ spreekt Robbin met Yassin Elforkani, facilitator van socratische gesprekken en leider van een geloofsgemeenschap in Amsterdam. Het hele interview lees je op de pagina Publicaties, maar hier alvast vijf adviezen van Yassin.

Stel jezelf opnieuw de fundamentele vragen
“Als mens vlieg je vaak op de automatische piloot. Er zijn veel vragen waarop je al lang het antwoord denkt te hebben. Maar een crisis maakt dat je anders gaat luisteren. Simpele gesprekken leiden tot nieuwe inzichten. Grote kans dat je ontdekt dat je eerdere antwoorden niet volledig waren.”

Durf twee stappen voorop te lopen
“Leiderschap tonen is verantwoordelijkheid dragen. Als later blijkt dat je goede beslissingen hebt genomen, zijn mensen trots. Je hebt een voorbeeldrol; het is belangrijk te beseffen wat jouw invulling van de leiderschapsrol met mensen doet.”

Gebruik heldere taal
“In crisissituaties luisteren mensen met hun gevoel en daardoor luisteren ze maar half. Je moet dus duidelijk communiceren. Organiseer ook online momenten waar mensen live vragen kunnen stellen en hun zorgen kunnen delen. Het is belangrijk dat mensen voelen dat ze er niet alleen voor staan.”

Benut de kansen van digitalisering
“Door de beperkingen die online communicatie met zich meebrengt, zetten mensen iets extra’s in. Normaal zouden ze misschien in dezelfde ruimte zijn geweest zonder elkaar aan te spreken. Maar nu de fysieke aanwezigheid ontbreekt, gaan ze dingen met elkaar delen. Je zou kunnen zeggen: digitalisering vraagt mensen om eerlijker te zijn en hun gevoel in te zetten.”

Vaar op je morele kompas
“Van moedige besluiten weet je niet altijd of ze goed uitpakken. Waar het om gaat, is dat je een verhaal hebt als je voor de spiegel staat. Dat je weet: op basis van de inzichten van toen heb ik een zo goed mogelijke beslissing genomen, met de veranderde inzichten van nu zou ik het anders doen. Alleen als je morele kompas goed staat, kun je een succesvol leider zijn.”

Deel drie in de reeks wordt een praktijkverhaal.

Ontdek je leiderschap – leergang voor beginnend leidinggevenden

Voor wie

Ben je een startende leidinggevende of ambieer je in de toekomst een leidinggevende rol of positie? Zit je in een bubbel waarin je op zoek bent naar jouw bedoeling (persoonlijk leiderschap) en wil je uitgedaagd worden om ook buiten je eigen context te kijken en te leren? Dan past dit leiderschapsprogramma bij jou.

Inhoud

Om succesvol te zijn als leidinggevende is het van belang dat je jezelf goed kent. Reflectie is nodig om persoonlijk te groeien en daarmee de groei van anderen mogelijk te maken. Deze leiderschapsreis biedt een leerzaam en inspirerend programma waarbij we verschillende perspectieven van leiderschap bij de kop pakken. Het doel is dat je een beeld krijgt van jezelf als mens en in je (mogelijke) rol als leidinggevende.

Je ontdekt je eigen mogelijkheden en beperkingen, je veronderstellingen, je aannames en mogelijke vooroordelen. Je leert je eigen voorkeursstijlen hanteren en je stijlflexibiliteit vergroten. Ook leer je hoe je je eigen context in beweging brengt en mede vormgeeft.

Het programma begint met een driedaagse zonder afleidende impulsen (digital detox). Tijdens deze persoonlijke leiderschapsreis word je deel van een leergemeenschap en een netwerk, waarmee je interessante en ongemakkelijke ontmoetingen hebt. Na de driedaagse volgt een leergang met gastsprekers die je meenemen in de wereld van leiderschap.

Programma

  • Persoonlijke intake
  • Kick-offmeeting
  • Driedaagse leiderschapsreis met creatieve werkvormen
  • Leergang met geïnspireerde gastsprekers
  • Facultatief intervisie- en coachtraject op aanvraag.

Data en locatie 

  • Kick-off meeting:  15 september, 16.00-19.00 uur
  • Driedaagse inclusief overnachting: dinsdag 6 oktober tot donderdag 8 oktober 2020 (inclusief overnachtingen)
  •  Leergang: 10 november, 26 november en 8 december van 9:00-17:00 uur

Kosten 

€ 3.950,- (inclusief overnachtingen en exclusief coachtraject).

Begeleiding

Naima Rahmouni & Wilbert Savonije.

Meer informatie bij Naima Rahmouni (06 14466777) en Wilbert Savonije (06 53267988). Aanmelden? Klik hier.

NLvanNU

Het NLvanNU is een traject voor leiders in de publieke sector met als uitgangspunt dat ieder mens een leider is. Een leider met een eigen span of control en invloedssfeer van een aantal vierkante meters, waar hij of zij om te beginnen het verschil kan maken. Om echt verschil te maken is inzicht nodig in jezelf en in de ander. Je oordeel uitstellen en op zoek gaan naar het gelijk van de ander. Door anders te kijken naar bestaande situaties, door nieuw te kijken naar andere situaties en natuurlijk ook naar elkaar.

Ongemakkelijke gesprekken

Het begrijpen van het gelijk van de ander vraagt om meer dan het lezen van een goed managementboek. Begrijpen vraagt om ontmoetingen, ongemakkelijke gesprekken en oprechte interesse in de ander en zijn of haar waarheid. Ook als die mening of context ver van de jouwe staat. Daarom waren wij al in een moskee en in een klooster, hadden we ontmoetingen bij het Leger des Heils en spraken we met jonge ondernemers van wie anderen eerder zeiden dat ze ‘niet leerbaar’ waren. Daarom bezochten we mensen die iets bijzonders deden en die ons hielpen om anders te kijken, beter te luisteren en wijzer te beslissen.

Community

Dit programma breiden we nu verder uit en we nodigen je uit om mee te doen. Zodat we samen verschillen kunnen omarmen en productief kunnen maken, en misschien wel een community te creëren. Een community die de inktvlek kan en wil uitbreiden. Te beginnen op 19 juni. Deelname aan deze sessie is gratis, ook omdat wij dan kunnen oefenen en leren van jouw inbreng en we het samen nog mooier kunnen maken.

Interesse? Meld je aan via de chatbox op de homepage.

(Afbeelding emoji’s: Mathieu/ @Kapelle36)

 

Online training socratische gespreksvoering

Geïnspireerd door het onderwijs zijn wij (Bureau de Bedoeling) ook gaan experimenteren. Met alle ongemakken van dien, gewoon doen. Hoe werkt die techniek eigenlijk? Welke techniek is er nog meer? Hoe geven we onze praktijk vorm, zonder fysieke bijeenkomsten?

Lessons learned

Hoogtepunt tot nu toe was de training socratische gespreksvoering door Yassin Elforkani. In dit geval via Teams. En na het eerste ongemak ging het prima. De trainer vanuit de Blauwe Moskee, wij vanuit verschillende (huis)kamers achter onze schermen. Inleiding, kringgesprek, oefening in tweetallen, stukje theorie, in drietallen, nog even brainstormen. In de nabespreking direct onze inhoudelijke, procesmatige en technische lessons learned delen en oogsten.

Diepe buiging

We waren en zijn best trots op onszelf. Tegelijk deed ons dit beseffen wat een geweldige prestatie in het onderwijs is geleverd. Één training op afstand is immers nog iets anders dan onderwijs op afstand. Een groepje van acht maakt nog geen hele klas. Daarom applaus voor de zorg en een diepe buiging voor het onderwijs. Dank jullie wel.

Heb jij binnenkort met een van ons een afspraak of doe je mee aan een van onze activiteiten? We informeren je tijdig over het hoe en wat. Of bel ons, dan zoeken we samen een passende vorm.

5 adviezen voor leiden in crisistijd

LandschapFlexibiliteit, dat is binnen twee dagen het hele onderwijs online ingeregeld hebben. Adaptiviteit is de stap die erop volgt. Dit ontstond uit nood, maar wat leren we ervan voor straks, als de situatie weer genormaliseerd is?”

De komende weken voert Robbin gesprekken met mensen met een eigen kijk op leidinggeven in crisistijd. De eerste is Erik Wegewijs: motiverend spreker, adviseurkritisch denker en voormalig commandant bij de Special Forces van het Korps Commandotroepen. In het interview (kijk voor de volledige tekst op de pagina Publicaties) geeft hij vijf adviezen aan leiders in de publieke sector. Erik spreekt op persoonlijke titel. 

1. Zet je eigen zuurstofmasker op

“In de eerste dagen was alles gericht op het reorganiseren van het onderwijs. Nu is het tijd om de aandacht te verleggen naar jezelf en naar je team. Net als in het vliegtuig: eerst je eigen zuurstofmasker op, anders kun je anderen niet helpen. Zet je team centraal, voer zowel functionele als persoonlijke een-op-een-gesprekken. Zorg dat je voelbaar aanwezig bent, ook al ben je niet zichtbaar.”

2. Duik niet weg

“Dit is de tijd om voor je keuzes te gaan staan. Verschuil je niet achter corporate party lines. Neem beslissingen en blijf erbij, in de wetenschap dat die beslissingen gevolgen hebben. Wees bereid verantwoording af te leggen. Dit zorgt voor vertrouwen binnen het team”

3. Zoom uit

“Een ruiter is niet sterker dan het paard, maar hij kan het paard wel dresseren. Als mens heb je de kracht om boven de situatie te staan en vanuit de eerste angst en verlamming weer in beweging te komen en in control te zijn. Zoom regelmatig even uit, dan blijf je ontwikkelingen één stap voor.”

4. Leer je eigen lessen

“Je kunt pas anderen leiden als je jezelf hebt leren leiden. Diep in je hart weet je wel of je voor deze situatie goed genoeg geëquipeerd was. Ben je nog te veel bezig met jezelf, dan heb je twee keuzes: stoppen of aan de slag gaan om jezelf te ontwikkelen het beter te doen, maar beken in ieder geval kleur.”

5. Kijk vooruit

“Denk nu alvast aan overmorgen. Als straks de situatie is genormaliseerd, wat hebben we hier dan van geleerd? Besef dat je niet van mensen kunt vragen dat ze helemaal teruggaan naar het oude. Niet eerst het nemen van initiatief toejuichen door ruime kaders te stellen en creatieve oplossingen te prijzen om na een crisis de teugels weer volledig aan te trekken. Bied ruimte om ‘lessons learned’ om te zetten in een ‘nieuw normaal’. Dat is adaptiviteit.”

Ontwrichtend virus dwingt tot anders kijken

Het is een werkelijkheid die vandaag in allerlei contexten opduikt. Ook als het om onderwijs gaat. Leraren zijn druk bezig om samen het nieuwe (tijdelijke) normaal uit te vinden en vorm te geven. Niet kunnen is ineens geen optie meer, anders kijken is vanzelfsprekend en veranderen een kwestie van dóen.

Is het omdenken van het onderwijssysteem hiermee gestart? Constateren we over een aantal maanden dat dit ontwrichtende virus het onderwijs definitief heeft veranderd? Of is het beter te stellen dat de aanwezige betrokkenheid, creativiteit en stoutmoedigheid in het onderwijs zijn aangesproken?

Een paar observaties:
– We zien een explosie aan creatieve manieren om (digitaal) onderwijs op afstand van het schoolgebouw aan te bieden. Het delen en gebruiken van goede ideeën van anderen is gemeengoed.
– Leerlingen worden volop uitgenodigd eigenaar te zijn van hun eigen leren en zijn hiermee meer en meer co-producent van hun onderwijs.
– Thuiszitten is geen uitzondering meer, maar onderdeel van het nieuwe normaal.

Voor straks: welke belangrijke lessen leren we van dit nieuwe normaal en hoe gaan we die straks een plek geven in ons oude normaal?

Voor nu: be careful out there!